Nieuws

Contacteer ons

Hoe kan Sodibe uw onderneming helpen?

Mail uw vraag

Actualiteit

Terug naar overzicht

Wijzigingen RIT 3.0

Het wettelijk kader rond re‑integratie bij arbeidsongeschiktheid wordt vanaf 2026 grondig hervormd. De nieuwe regels zetten in op een snellere en actievere opvolging van langdurig zieke werknemers, met als doel de drempel naar werkhervatting te verlagen. Hieronder vindt u een overzicht van de belangrijkste wijzigingen en de acties die u als werkgever moet ondernemen.

Preventie: vroegtijdige tussenkomst bij dreigende ongeschiktheid

Werknemers die dreigen arbeidsongeschikt te worden door gezondheidsproblemen kunnen voortaan expliciet vragen om na te gaan of een aanpassing van de werkpost of aangepast/ander werk mogelijk is.

De werkgever kan advies vragen aan de preventieadviseur‑arbeidsarts of andere preventieadviseurs. Hij moet de werknemer zo snel mogelijk informeren over het gevolg dat aan zijn verzoek wordt gegeven, of over het feit dat hij niet kan ingaan op deze vraag. De werkgever motiveert zijn antwoorden en eventuele weigeringen best schriftelijk en objectief.

Ziekteattest: afwijking voor kleine werkgevers mogelijk

Zoals eerder gecommuniceerd in ons nieuwsbericht van 9 maart 2026, werd het aantal dagen waarop geen ziekteattest vereist is, beperkt.

Ondernemingen met minder dan 50 werknemers op 1 januari van het kalenderjaar waarin de arbeidsongeschiktheid zich voordoet, kunnen hiervan afwijken en voor elke dag afwezigheid een attest eisen.

Indien u deze afwijking reeds toepast, moet dit correct opgenomen zijn in uw arbeidsreglement. Indien u de uitzondering alsnog wil invoeren, moet dit eveneens via een wijziging van het arbeidsreglement gebeuren.

Stelt u een afwijking op en stelt u het volgende jaar (opnieuw) 50 werknemers tewerk, dan vervalt de opgenomen afwijking automatisch.

De vrijstelling van de verplichting om een medisch attest voor te leggen is niet van toepassing op een arbeidsongeschiktheid die zich voordoet tijdens een periode van jaarlijkse vakantie.

Solidariteitsbijdrage voor werkgevers met 50+ werknemers

Voorheen moesten werkgevers met een bovenmatige instroom van werknemers in invaliditeit (ziekte meer dan 1 jaar) een responsabiliseringsbijdrage betalen. Deze responsabiliseringsbijdrage wordt afgeschaft en werd een laatste keer berekend en geïnd in het 4e kwartaal van 2025.

In de plaats komt een trimestriële solidariteitsbijdrage van 30% voor ondernemingen met gemiddeld 50 werknemers of meer tijdens de referteperiode (het 4e kwartaal van het voorlaatste jaar en het 1e, 2e en 3e kwartaal van het vorige jaar). Deze bijdrage is verschuldigd voor werknemers tussen de 18 en 54 jaar zijn op datum van aanvang van de primaire arbeidsongeschiktheid en wordt berekend op de uitkeringen tijdens de 2e en 3e maand van arbeidsongeschiktheid. Vanaf 2027 volgt een uitbreiding tot de 4e en de 5e maand.

Deze bijdrage is niet verschuldigd voor werknemers die progressief werken, nieuwe werknemers (ziekte binnen 30 dagen na indiensttreding), uitzendkrachten, flexi‑en gelegenheidswerknemers en leerlingen.

In de wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken 2026 werd een bijkomende uitzondering voorzien voor personen met een arbeidshandicap, een psychosociale arbeidsbeperking of uiterst kwetsbare personen, tewerkgesteld door een onderneming ressorterend onder paritair comité 327.

Actief afwezigheidsbeleid – Actie vereist!

Vanaf 1 januari 2026 moet elk arbeidsreglement een bepaling bevatten die voorziet in een procedure om contact te houden met arbeidsongeschikte werknemers.

Er moet opgenomen worden wie de arbeidsongeschikte werknemer contacteert (HR, de directe leidinggevende of de preventiedienst). Ook de frequentie van deze contactopname zal moeten worden opgenomen.

Deze procedure heeft tot doel om de terugkeer naar het werk te faciliteren en voor te bereiden. Ze beoogt in geen geval controlerend te zijn. De controlebevoegdheid blijft toekomen aan de controlearts.

Verplichting werkgever inschatting arbeidspotentieel

De werkgever moet, zoals voorheen, de preventieadviseur-arbeidsarts op de hoogte brengen wanneer een werknemer minstens 4 weken arbeidsongeschikt is. Deze zal de werknemer informeren over de re-integratiemogelijkheden.

Bijkomend moet er vanaf 2026 bij een afwezigheid van minstens 8 weken gevraagd worden aan de preventieadviseur-arbeidsarts om een inschatting te maken van het arbeidspotentieel van de werknemer. Deze inschatting gebeurt op basis van een gestandaardiseerde en gevalideerde vragenlijst.

Indien blijkt dat de arbeidsongeschikte werknemer arbeidspotentieel heeft, moet een werkgever met 20 of meer werknemers binnen 6 maanden na het begin van arbeidsongeschiktheid een formeel re-integratietraject opstarten. De preventieadviseur-arbeidsarts zal bekijken of en onder welke voorwaarden de werknemer opnieuw aan het werk kan gaan. 

Bovenstaande verplichting om binnen de 6 maanden een re-integratietraject op te starten geldt voor arbeidsongeschiktheden aanvangen vanaf 1 januari 2026.

Bij niet-naleving van deze verplichting voorziet het Sociaal Strafwetboek een sanctie van niveau 2 (te vermenigvuldigen met het aantal betrokken werknemers).

In de wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken 2026 werd verder verduidelijkt dat wanneer een terugkeer naar de eigen werkgever niet langer mogelijk of aangewezen is en het re-integratietraject werd afgerond, kan de preventieadviseur-arbeidsarts de werknemer doorverwijzen naar de arbeidsbemiddelingsdienst.

Werkgevers met minder dan 20 werknemers kunnen dit vrijwillig doen. Bijgevolg is er voor hen geen sanctie voorzien bij niet-naleving.

Re-integratietraject

De werknemer kan, zoals voorheen, vanaf de 1e dag van de ongeschiktheid een re-integratietraject opstarten. Vanaf nu beschikt ook de werkgever over dit recht, mits toestemming van de werknemer. De werkgever zal de werknemer via aangetekende brief moeten uitnodigen.

De preventieadviseur-arbeidsarts brengt de adviserend arts van de mutualiteit op de hoogte indien de werknemer tweemaal niet ingaat op de uitnodiging van de preventieadviseur-arbeidsarts. Indien de werknemer twee keer, zonder gegronde reden, niet ingaat op de uitnodiging van de preventieadviseur-arbeidsarts, verliest hij zijn recht op uitkeringen. Dit geldt niet wanneer de werknemer niet ingaat op uitnodigingen in het kader van de bijzondere procedure medische overmacht.

Bezoek voorafgaand aan de werkhervatting

De werkgever is verplicht om zijn werknemers regelmatig te informeren over de mogelijkheid tot een 'bezoek voorafgaand aan de werkhervatting'.

Ook de werkgever kan dit voorafgaand bezoek aanvragen, maar de werknemer is niet verplicht om op deze uitnodiging in te gaan.

Bijzondere procedure medische overmacht

De procedure om een contract te beëindigen wegens medische overmacht kan voortaan worden opgestart na 6 maanden ononderbroken arbeidsongeschiktheid (voorheen 9 maanden). Deze procedure kan zowel door de werkgever als door de werknemer worden opgestart. Let wel, er mag geen re-integratietraject lopende zijn.

U dient dus actie te ondernemen en uw arbeidsreglement up-to-date te stellen waar nodig. Dit kan aan de hand van de volgende bijlage.

Voor meer praktische informatie omtrent de te volgen wijzigingsprocedure van uw arbeidsreglement, verwijzen we naar: https://www.sodibe.be/arbeidsreglement.

Terug naar overzicht